Ervaringsverhaal Jan Pluim

‘Je weet nooit precies wat je meeneemt’ 

Een halve dag vrijmaken voor een bijeenkomst terwijl het werk zich opstapelt? Het klinkt misschien wat opmerkelijk, maar Jan Pluim van de gemeente Deventer doet het graag. De regiobijeenkomsten van CROW Essit leveren hem allerlei inzichten, ideeën en contacten op. Daar heeft hij al zo vaak de vruchten van geplukt. ‘Iedereen zit met dezelfde opgaven, dus je hebt echt iets aan elkaar.’ 

Jan Pluim behoort inmiddels tot de vaste bezoekers van de regiobijeenkomsten. Toch was hij eerst nog wat sceptisch. Want wat levert zo’n middag praten met collega’s uit andere gemeenten nu precies op?  ‘Er komt heel veel informatie voorbij en vaak merk ik pas na een paar dagen dat die ideeën ergens terugkomen.’ Lachend: ‘Alsof het mijn eigen idee is, maar dan heb ik het gewoon daar opgepikt.’ 

Hij heeft daar een goed voorbeeld van. Pluim noemt de nota kapitaalgoederen die Deventer enkele jaren geleden opstelde. Tijdens een bijeenkomst hoorde hij hoe andere gemeenten daarmee werkten. ‘Toen dacht ik: dit moeten wij gewoon gaan doen.’ 

Die keuze pakte heel goed uit. Deventer bracht langjarig in beeld wat nodig was voor het beheer van de openbare ruimte en zette daar bedragen tegenover. Dat leverde uiteindelijk miljoenen euro’s extra op voor onder meer weg- en groenonderhoud. ‘Dat idee kan ik heel duidelijk linken aan zo’n bijeenkomst. Misschien waren we er anders uiteindelijk ook wel op gekomen, maar dit heeft het absoluut getriggerd.’ 

Andersom deelt Deventer zelf ook kennis. Zo vertelde Pluim tijdens bijeenkomsten over de manier waarop de gemeente meer regie probeert te krijgen op de steeds drukker wordende ondergrond. ‘Iedereen is met vergelijkbare problemen bezig en zoekt naar manieren om die aan te pakken. Daarom is het belangrijk om elkaar te blijven informeren.’ 

Het zijn de verschillen tussen deelnemers die de gesprekken interessant maken. ‘De een is meer theoretisch ingesteld, de ander staat met zijn voeten in de klei van de beheerorganisatie. Vanuit al die verschillende invalshoeken hoor je dingen waarvan je denkt: o ja, zo kan het dus ook.’ 

Het netwerk is bovendien breder dan alleen die bijeenkomsten. Pluim legt tussendoor geregeld vragen voor aan andere deelnemers. Gewoon per mail, bijvoorbeeld. ‘Als ik twee of drie reacties van gemeenten krijg, heb ik vaak al genoeg om verder te kunnen.’ 

Regelmatig probeert hij ook collega’s mee te nemen. ‘Het kost tijd, dat is waar. Maar dit zijn bijeenkomsten waar ik echt moeite voor doe om erbij te zijn. Je weet vooraf nooit precies wat het oplevert, maar dat maakt het zo waardevol. Je leert altijd iets nieuws.’